Auteur: Jan

Aan de regelmaat van iedere vrijdag braaf een nieuwe blogpost plaatsen, is de laatste tijd een einde gekomen. Iets wat de trouwe lezer van deze blog waarschijnlijk al is opgevallen. Gelukkig is daar een logische verklaring voor: ik moet even een film voltooien tussendoor.

Op dit moment zit ik in de laatste post-productie fase van mijn nieuwe film Spelletjesavond, een zwarte komedie, en daar gaat behoorlijk wat tijd in zitten. Wanneer ik tijd heb, ben ik uiteraard ook bezig met het boek. Ik lees op dit moment vooral veel terug en maak aantekeningen.

Het is ook leuk om bezig te zijn met 2 projecten die op het eerste gezicht elkaars uitersten lijken te zijn: aan de ene kant een zwarte komedie in een huiselijke sfeer met vier mensen die een bordspel spelen, en aan de andere kant een avontuurlijk boek met epische locaties en fantasy figuren. Settings die behoorlijk ver uit elkaar liggen.

Toch hebben de 2 projecten zeker een aantal raakvlakken: situaties lopen uit de hand, karakters laten langzaam hun ware aard zien en de humor is inktzwart. In die zin is het werken aan een project als Spelletjesavond even iets anders, maar toch ook weer niet.

Jan

Er zijn mensen die het saai vinden, anderen vinden het geweldig: gewandel in fantasy boeken en films. Complete rijken of planeten worden van begin tot eind bewandeld door een groepje helden met een missie. Onderweg komen ze allerlei obstakels tegen, maar wat er ook gebeurt, ze blijven vrolijk doorlopen tot ze hun doel bereikt hebben.

Persoonlijk vind ik het altijd geweldig om zo’n groepje helden te volgen tijdens hun tocht. Als het goed gedaan is, voel je je als lezer of kijker deel uitmaken van het reisgezelschap. Het heeft iets gezelligs om personages te zien praten bij een kampvuur, om maar iets te noemen. Dat ik zelf graag wandel, zal er ook wel iets mee te maken hebben.

Het wandelen op zich is niet iets wat heel interessant is, maar wat personages onderweg tegenkomen wel. De lezer leert ook gaandeweg de personages beter kennen, met al hun goede kanten en gebreken. Dingen die ze sympathiek of juist onsympathiek maken. Je leert tijdens zo’n tocht altijd de ware aard van iemand kennen. Ga maar eens met een groepje onbekenden een weekendje wandelen. De kans is groot dat je elkaar goed leert kennen tijdens zo’n tocht en dat je meer te weten komt over je medewandelaars dan je voor mogelijk had gehouden.

Wandeltochten in boeken zijn helaas niet altijd geliefd. Ze zijn met enige regelmaat het mikpunt van grappen of kritiek. Zo wordt er bij The Lord of the Rings vaak geklaagd over de adelaren. Waarom konden die beesten Frodo en zijn vrienden niet gelijk een liftje geven naar Mount Doom om die ring erin te gooien? Het meest logische antwoord is simpel: omdat het dan een verrekte kort en saai boek zou zijn.

Vaak zijn mensen die daarover zeuren ook types die gelijk alles willen weten. Als ze een film kijken of boek lezen, willen ze vanaf het begin weten wie het hoofdpersonage is, wie de vijand is, wie er allemaal doodgaan en hoe het afloopt. Mensen die volgens mij weinig plezier beleven aan een verhaal, gezien het lezen van een verhaal een ervaring is, niet een samenvatting waarbij je alles gelijk op een presenteerblaadje krijgt.

Wat betreft mijn boek: er wordt ook veel gevlogen, dus er is afwisseling, voor degenen die het niet zo hebben op wandelingen. En als iemand zich afvraagt waarom er op een bepaald moment gelopen wordt en niet gevlogen, dan heb je nu alvast mijn antwoord: omdat ik de personages heb gedwongen te lopen.

Jan

Tijdens het schrijven van een fantasy boek dat vol zit met draken, moet je de omvang van die dieren uiteraard ook goed onder woorden brengen. Soms gebeurt dat letterlijk door de afmetingen te noemen, maar ook door vergelijkingen te maken. Hoe groot die dingen in het boek zijn? Episch.

De wereld is gevormd door hun omvang, zeker het ondergrondse gedeelte ervan. Veel plaatsen en tunnels zijn ontstaan door hun toedoen en met hun omvang en bewegingsvrijheid in gedachten. Mensen vallen daarbij een beetje in het niet. Schaal is wat dat betreft een vrij groot dingetje. Iets wat bij de lezer duidelijk moet zijn, zonder dat je hem of haar continu bedelft onder afmetingen.

In het boek passeren verschillende drakenrassen de revue, maar de oudste soort, de gevaarlijkste, is het grootst: zo’n 13 meter hoog, 50 meter lang en een spanwijdte van meer dan 50 meter. Gigantische beesten dus, die met een enkele stap de grond doen beven en met een slag van hun vleugels een orkaan veroorzaken.

Deze draken zijn de beesten die ooit de wereld in as hebben gelegd en dat opnieuw zouden kunnen doen, wanneer ze ontwaken en daar zin in hebben. Of ze er zin in hebben is overigens niet altijd iets wat ertoe doet. Ze doen het. Punt.

Het is dus vreemd om je voor te moeten stellen dat iemand bewust onderweg is naar de slaapplaats van deze draken, met als doel ze te ontwaken. Zo iemand moet of compleet gestoord zijn, of heel goed weten wat hij van plan is. Het helpt wel als zo iemand de juiste personen om zich heen heeft verzameld en de juiste literatuur bij zich heeft.

Jan